‘Tu me manques’

by

Donderdag 26/7/2018

Als kind werd ik constant heen en weer gesleept tussen ouders, opa’s en oma’s en huizen. Mijn leven bestond toen al uit afscheid nemen. Tot, ooit maar weer? Toen al hing ik dagen aan de telefoon met de partij waar ik niet was. Mijn liefste vertrok een week geleden naar Tsjechië, met een vluchtige kus was hij weg. Na wat optredens vertrok ik naar het ouderlijk huis. Een paar dagen terug naar mijn oude realiteit. Mijn zusje past op het huis van mijn moeder. Ze vroeg of ik langs wilde komen. Ze wilde niet alleen zijn, zei ze, net als ik. Ondanks dat we elkaar vaak genoeg de kop inslaan, vond ik het toch moeilijk haar daar achter te laten. Ik hoopte dat haar vriend, die haar vriend niet genoemd mag worden, zou komen. Al zou ik niet mogen willen dat hij kwam.

Toen ik weer vertrok wilde mijn oma me het liefst achterna rennen met naald en draad voor het gat in mijn jurk, het ijzeren plaatje dat van mijn tas was gevallen en het flesje water dat ze in de diepvries had laten liggen. Mijn antwoord klonk als een snauw. Hoe graag ik het ook anders zou zien, zo word ik van dingen die me niet goed afgaan. Afscheid nemen. ‘Jij bent ook zo heerlijk nonchalant’ zei ze nog terwijl ik de bus instapte. Je moest eens weten, dacht ik. Ik zie haar altijd als de bohemienne die ik zou willen zijn en zij mij nu, begreep ik. In de bus sprongen de tranen in mijn ogen, omdat ik net als altijd dacht dat dit misschien wel de laatste keer zou zijn. Omdat oma de vrouw van mijn leven is. Vaak heb ik een mannenschouder om tranen te verbergen, vandaag niet. Ze weet niet dat ik na bandrepetities ook achter hem aanren om te vragen of hij dorst heeft, honger of ergens anders zin in. ‘Een gewoon biertje of een speciaalbiertje? Ik heb het allebei gehaald. Zal ik een tosti maken of heb je zin in je favoriete chips? Die zijn er ook hoor. Een glaasje wijn anders? Water, sap, koffie, thee misschien?’ Een conversatie met mezelf, want als hij dorst heeft weet hij de koelkast zelf ook te vinden.

In de bus deed ik mijn oortjes in en zag ik het immer hetzelfde Zeeuwse landschap aan me voorbij glijden. De bezongen zomerse dagen in Beechwood Parkklonken ineens anders dan ooit. In plaats van verlangen naar zomer voelde ik nu een soort benevelde treurigheid. Een raar soort melancholie. Mensen hebben altijd gezegd dat ik dit weidse landschap zou gaan missen in de stad. Tot nu toe kan ik daar alleen maar om lachen. Ik vraag me af of dat ooit zo gaat zijn of dat dit iets is waar ik wel voorgoed afscheid van heb genomen. De weilanden om me heen beamen dit gevoel enkel. Toch weet ik niet wat ik voel. Opluchting, want het is me opnieuw gelukt te ontsnappen en verdriet, want ook hier laat ik mensen achter. De droogte van de velden om me heen doen me denken aan zomers in Zuid-Frankrijk. Naar Frankrijk heb ik altijd heimwee. Ik zet Bob Dylan op om de pijn te verzachten, alhoewel die me weer doet denken aan jou en jij nu in Tsjechië zit en niet naast mij. Ik kan er niet aan wennen dat ik me ’s ochtends halfslapend omdraai en dat jij daar dan niet ligt. Ik had je nog een brief gestuurd waarin ik zei dat ik niet eens Bob Dylan kon luisteren. Dat je me niet kan verlaten, want dan zijn mijn twee grootste liefdes weg. Ik kies Blood on the Tracks, omdat jij daar niks mee hebt. Die plaat is alleen van mij en van opa, die ik het woord voor woord hoor citeren in mijn hoofd. Ze fluisteren ‘you’re a big girl now’.

In de trein denk ik terug aan ons telefoongesprek. Een krakende verbinding met Tsjechië. Ik heb het geen seconde gehad over wat ik voelde. Ik heb geluisterd naar je verhalen en ik heb genoten van hoe jij aan het genieten was. Vervolgens heb ik hysterisch gegild over een kat waar we op pasten en over dingen die er zo niet te doen dat ze me niet eens bij zijn gebleven. In de laatste paar seconden heb ik zoveel mogelijk geprobeerd te zeggen dat ik je mis en hoeveel ik van je hou. Daarna heb ik abrupt opgehangen. Ik heb geleerd dat afscheid nemen moet zijn zoals je een pleister van je huid trekt. Mijn melancholische trip sluit ik af met Abbey Road. Something mag drie keer,HereComes the Sunsla ik over. Die mag alleen in het voorjaar. Nog maar vijf nachtjes tot ik weer in je armen lig en je bedachtzaam door mijn haren gaat voor ik in slaap val. Over vijf nachten kan ik weer zorgeloos zijn.

No tags 0 Comments 0

No Comments Yet.

What do you think?

Your email address will not be published. Required fields are marked *