Lavish en Lapacorns: “Hij wou me een box geven, maar rook de kots”

by

Voor ik begin met deze column eerst mijn excuus aan Mercedes en Sophie. Ik was te laat met het schrijven van deze column. Niet per sé omdat ik iets te doen had. Niet per sé omdat ik te druk was. Ik had, in misschien wel de meest interessante tijd, geen idee waarover ik moest schrijven.

Jullie zeggen wat ik denk? Iets weerleggen wat ik heb gehoord en jullie een hart onder de riem steken? iemand uit de politiek belachelijk maken? Ik ben niet die guy die je nu gaat zeggen wat je moet doen als ik zelf ook nog niet weet wat ik moet doen. Maarja wat dan, hele dag huilen? Binnen, nee man. Niet zo. Catch me buiten met me en myself. Niet met I want ja, 4 is druk.

Ik heb besloten iets te schrijven over 1 van mijn leipste uitgaan ervaringen. Waarom? Omdat ik schrijf wat de fuck ik wil. Zie dit als een filler bij anime waar ze opeens op het strand zijn en er is een beachvolleybal toernooi. Ja man, we kunnen niet de hele dag stressen toch.

Het was een tijd waar m’n homies en ik uitgaan als een soort sport zagen, twee keer per week trainen in de Air en Bitterzoet, om dan in het weekend serieuze gimmas te spelen. Tenue alles. We traden ook fucking veel op dus je moet alleen al imagenen dat mijn adders gewoon een pijpleiding was van wijn en gin. Het was zaterdag en ik ging naar de Melkweg. Gametime, het was toevallig tijdens deze week dat ik in de nachtspelersbus een paar mensen hoorde over een soort nieuw drankje, Lavish. Ik was panja maar in m’n oren klonk het als doping. Fucking duur maar je had er gelukkig niet zo veel van nodig.

Dus ik sta onder het afdakje naast de Cinecenter met twee blikjes Lavish, 1 grape, 1 classic. Beide grote blikjes want ja, grote speler. Terwijl dit plaats vond, werd er ook gestoomd. Warming up, noemen we dat. Alleen ik behandelde dit net iets te intensief, nek je die, een speler verrekt iets tijdens de warming up. Dat was ik, echt moeite hebben met m’n eigen naam noemen op de gastenlijst.

Oke dus boem, binnen, pokoe blaast en iedereen gaat los. Alleen ik begin me te beseffen van ey, wat de fuck zit er eigenlijk in die Lavish? Dus ik wil m’n telefoon pakken. In mijn kluisje gelaten, fuck. Ik loop terug, maak m’n kluisje open, jas aan en pak m’n telefoon eruit. ‘Lavish procenten’ is de zin die ik Google en letterlijk het eerste wat ik zie LAVISH – GRAPE – ABSINTH. Ik ken letterlijk één chick die absinth dronk tijdens kamp en zij had een nutritious breakfast dat voornamelijk bestond uit Monster Energy en Lemon haze.

Toen ik dat las klapte die absinthe mij nog meer, klapte zo van ‘’ je bent niet gebouwd voor dit he?’’ Dus ik doe m’n kluisje dicht en loop weg, ik adem diep en kom helemaal zwetend terug. Alleen om te beseffen dat ik m’n jas nog aan heb. Kanus, oke. Naar boven, daar lijkt het cool als ik met jas aan sta. Ik dans niet, je weet toch.

Dus ik sta boven met een nat t-shirt en mijn jas net over m’n schouders. Oke, got this, door je neus uit je mond, door je neus uit je… opeens voel ik een hand op mijn natte schouder, een oude bekende uit het veld. Mind you. Dit is topsport, en hoe ik het zag mocht deze blessure de wedstrijd niet verpesten, ik zeg jullie eerlijk: daar zag ik het echt fout. Dus hoe ik die shot neem, denk ik bij mezelf, weet je wat ik moet doen?

Effe zitten man. Boven in de back van de Melkweg. Ja man, effe zitten. Dus ik neem plaats, adem uit, en hoor die MC zeggen ‘’ party people’’, daarna was ik er even niet. Niet per sé op een  problematische manier, maar gewoon, meer op een, lamme effe deze powernap pakken, dan kom ik zo bij jullie, manier.

Ik maak mijn ogen open, en ben nog steeds in de club. Ik probeer op te staan en zie een groep met chicks naar me kijken, ik zie ze ook gewoon denken: “Hmmm hij is te fly om zwerver te zijn, wat een toerist dan? Ja moet wel, altijd die fucking toeristen die helemaal paddo’s willen doen, shit man.” Dat was mijn cue man. Ik deed mijn jas aan, liep naar beneden, niemand gegroet ook. Terug naar het afdakje waar de avond begin en begin leip over te geven.

Ik kom tot mezelf op een bankje aan de overkant, m’n hoofd tussen mijn knieën en capuchon op. Opeens komt er een kleine man naast me zitten. Hij vroeg hoe het ging maar zag ook in dat die vraag een beetje retorisch was. Opeens vertelt hij me dat hij de achterneef van Mark Rutte is, waarop ik m’n capuchon af doe en hem aan kijk: hij leek echt op Mark Rutte man. Hij zei me dat hij uit Ierland kwam, wat hem technisch gezien dus een lepacorn maakte. Ik wou veel in twijfel trekken maar ik ben voorbij panja, dus ik nam het allemaal maar.

Hij zei me, Markie toch, luister niet naar hem man, vroeger was hij die kill, die zijn snot opat gewoon. Hij wou me nog een keer laten proeven. Dat van hem hè, niet eens m’n eigen. Van hem! Luister niet naar die man, volg jezelf en laat je eigen gevoelens de beweegredenen zijn voor je acties. Maar hé, verkoop je toevallig… nog voor hij verder kan gaan zeg ik nee en stond hij op. Hij wou me een box geven, maar hij rook de kots:

Let op jezelf hè.

No tags 0 Comments 0

No Comments Yet.

What do you think?

Your email address will not be published. Required fields are marked *