‘Kort door de bocht’

by

Woensdag 18/7/2018

Ik ben nog nooit de middenmoot geweest. De mensen die daar wel in vallen heb ik ook nooit zo goed begrepen. D66 stemmers bijvoorbeeld, hebben die mensen dan echt geen mening? Kort door de bocht, maar ik waai nou eenmaal niet met alle winden mee. Alles is voor mij altijd heel zwart wit, de mensen die me kennen zullen waarschijnlijk instemmend knikken nu. Ik weet altijd precies welke kant we op moeten, als ik dan ongelijk blijk te hebben, verzin ik nog steeds een manier om toch op een bepaalde manier gelijk te krijgen. Eigenwijs, dat ben ik namelijk ook nogal. ‘Weet ik niet’ of ‘maakt mij niet uit’ hoor je mij niet vaak zeggen. Mannen schijnen dat een vrouwending te vinden. Er zat laatst een meisje bij me in de trein, dat overduidelijk aan het bellen was met haar vriend. Ze liet hem nog net niet de woorden in haar mond leggen. Op alles was haar antwoord ‘geen idee, kies jij maar’. Ik vraag me af of ze zelf doorheeft hoe ze zich neerzet. Eigenlijk wilde ik haar erop aanspreken, maar dat is mijn taak niet.

Zelf ben ik nooit bang geweest mijn mening te verkondigen, ook niet als die afwijkt of als ik wist dat ik geen bijstand zou krijgen. Als mensen aan me vroegen wat ik wilde worden, was het antwoord ook altijd Pippi Langkous, Raelette of gewoon, beroemd. Juf of moeder stond niet in het lijstje. Als kind had ik dan ook niet bijzonder veel met andere kinderen. Op school fladderde ik maar wat rond of zat ik te lezen, op ballet was ik altijd degene die leefde voor het podium en het haar vasthield van kinderen die moesten overgeven van de plankenkoorts. Oh en ik was het rare kind dat op flamencohakjes naar school ging, in groep 6. Op schoolkamp heeft mijn tere zieltje drie dagen gehuild omdat er doodgeschoten vogels lagen. Op zwemles schold ik de juf verrot omdat ze me in het water duwde en op de camping had ik geen zin om vriendjes te maken. Ik had Ronja de Roversdochter en Otje toch?

Ik durf mezelf feminist te noemen, alhoewel ook daar weer een hokje voor is waar ik niet helemaal in pas. Waar ik ook liever niet in pas. Ik laat mijn okselhaar niet staan, verf elke maand mijn haar, ik maak me flink op als ik daar zin in heb en ik vind dat je mannen af en toe best mag chanteren om iets gedaan te krijgen. Ik denk ook dat dat is waarom mensen naar me luisteren, ik ben in geen enkel opzicht typisch. Ik heb overwicht en ik durf mijn zinnen zo te formuleren dat mensen doen wat ik vraag. Ik zie mezelf liever als sterke vrouw dan als feminist, hoewel de meeste feministen dat natuurlijk beide zijn. De mensen om me heen vinden die term moeilijker dan ik. Ze zijn bang dat mensen me gaan zien als ‘zo’n zeikwijf’. Misschien heeft dat ook iets te maken met de grote bek die ik graag open trek.

Toch maak ik het mensen graag naar hun zin, ook mannen. Voor mijn vriendje zou ik de wereld omlopen, als hij me nodig had. Ik zou oceanen oversteken, mijn bankrekening plunderen, een andere baan nemen en mijn mooiste bezittingen verkopen. Als het moest, maar ook, als hij daar gelukkig van zou worden. Of ik mezelf daarom in twijfel heb getrokken? Absoluut, want wanneer, ben je dan een feminist en niet alleen dat, maakt dit me wel een sterke vrouw? Ik wil mijn naam ook niet binden aan radicale uitspraken als ‘mannen zijn net honden’. Honden schijnen namelijk heel trouw te zijn. Waar die grens ligt weet ik niet. Wanneer heb je een sterke mening en wanneer is je mening radicaal? Volgens mij is dat een heel dun lijntje, waar ik constant op balanceer. Het lijntje verandert ook steeds, want was voor onze generatie en de generaties daarvoor Pippi het allerstoerste meisje ooit, nu zouden Pippi, Tante Pastellia en de Negerkoning niet zomaar meer worden uitgezonden, mocht Pippi nog geen begrip zijn. Astrid Lindgrens personages blijven toch mijn favoriete feministen, misschien ook om tegen heilige huisjes te schoppen.

Waar die meisjes met potentie, die van ballet en toneel, nu allemaal zijn afgedwaald naar studies als bedrijfskunde of commerciële economie, sta ik nog steeds op de planken. Waar zij later vast veel geld gaan verdienen, verdien ik nu mijn geld met gedichten en feministisch gezeik. Ik denk dat mijn 8-jarige ik trots zou zijn. Die zou het wel wat voor Pippi vinden. Met de stroom mee gaan varen, dat kan altijd nog. Het gaat waarschijnlijk alleen niet gebeuren. Mocht ik toch ooit die neiging krijgen, zal mijn achterban me wel op het juiste pad houden. Dat leven is namelijk niks voor mij, met beide benen op de grond moet ik voor altijd blijven dromen.

No tags 2 Comments 0
2 Responses
  • Karin Kox
    July 25, 2018

    Goed geschreven, Sophie. Erg leuk om te lezen. Ik ga jou, sterke vrouw, volgen.

  • Erwin
    July 26, 2018

    Zo iemand…..noem ik een WereldWijf!

What do you think?

Your email address will not be published. Required fields are marked *