Held: “Met zijn stropdas veegt hij het bloed van mijn gezicht”

by

Je hebt van die herinneringen die in een heel warm laatje in je hoofd opgeborgen zitten. Als je dat laatje dan eens opentrekt kom je in een soort roes van rozige herinneringen.

Mijn favoriete kleur is geel. Ik weet niet of dit door deze herinnering komt, of dat ik zo geprogrammeerd ben, maar het is zo. Enfin, ik trek het laatje open. De zon schijnt, mijn vader brengt me gauw naar school voor hij naar zijn werk gaat. Hij heeft een prachtig eikenhouten koffertje bij zich, zo één met een cijferslot erop. Het is lente, dus hij heeft zijn zomerpak aan, het is lichtgeel en hij heeft een bijpassend kleurende stropdas om. Hij houdt mijn hand vast, we kijken samen van links, naar rechts, terug naar links en steken over. Ik laat mijn vaders hand los en begin te huppelen. – Ik was vier en had echt gênant laat leren huppelen, dus dit deed ik nu continu om het gemis te compenseren. – Ik kijk om, mijn vaders jasje waait een beetje open, zijn stropdas wappert de zwaartekracht trotserend omhoog. Boven zijn hoofd uit schijnt de zon, als een soort kroon. Ik blijf huppelen en kom uit op het smalle pad dat tot de deur van de school leidt. Hier liggen willekeurig uitgestrooide grote betonnen stenen, afgewisseld met stroken zand. Ik spring van steen op steen, tot vlak voor het einde van het pad, waar mijn sandaal blijft haken. Ik val recht voorover, met mijn gezicht op de rand van de laatste steen op het rijtje. Het bloed gutst uit me van alle kanten. Echt, alsof ik leegloop. Ik voel nu nog het kloppende, stekende gevoel wat zich vanuit mijn bovenlip langzaam door mijn hele lijf verspreidt. De tegel waarop mijn hoofd ligt is binnen een paar seconden volledig rood gekleurd. Een stel moeders om mij heen beginnen te gillen. Ik raak in paniek, het ziet er allemaal ernstig uit, misschien bloed ik wel leeg? Misschien liggen mijn tanden er wel uit, of heb ik straks een scheve neus? Mijn hart klopt steeds sneller. Dan hoor ik een regelmatig – snelle, maar stevige – dreun. Ik voel twee vertrouwde handen onder mijn oksels. Papa. Hij trekt me tegen zich aan, nu pas voel ik hoeveel pijn het eigenlijk doet, ik moet huilen. Met zijn lichtgele, glimmende stropdas veegt hij het bloed van mijn gezicht. De eerder bezorgde moeders kijken vol opluchting toe: wat een held.

17 jaar later wandel ik een klein rondje door het UMC. Ik heb mijn moeder aan de telefoon, we hebben het over haar moeder. Een rots van een vrouw. Niet fysiek, het was een kleine, tengere vrouw, maar een sterke vrouw. Niet kapot te krijgen – leek het -. Mijn moeder praat sneller dan normaal, haar ademhaling zit hoog in haar borst, ze hoeft het niet uit te spreken.

De grap is dat ik niet in het UMC ben voor oma. Mijn vader, die ligt in het ziekenhuis, al een maand of drie. Mijn stevige, sterke papa veranderde in korte tijd in een wat slappere, fragiele pap. Hij viel ontzettend af, hoewel hij de zusters omkocht om te mogen fietsen op een home-trainer op de afdeling is zijn spiermassa afgenomen. In mijn hoofd zie ik mijn held nog lopen, met zijn eikenhouten koffertje in zijn hand. Maar als ik mijn ogen opendoe, zie ik een uitgeputte, kwetsbare man met een infuuspaal aan zijn hand. Toch sleept hij zichzelf steeds weer uit bed om met mij in de door tl verlichte ‘huiskamer’ te zitten. We schateren tot de zuster roept dat we stil moeten zijn. Ik fluister of hij nog een beker slappe koffie wil. We zijn nog lang niet uitgepraat.

Mijn moeder snikt aan de telefoon. Mijn vader niest aan het eind van de gang – auw -, mompelt hij. Ik loop de hoek om, hij bloedt. Het gutst uit zijn buik, echt, alsof hij leegloopt. Binnen een paar seconden is zijn pyjama volledig roodgekleurd. Ik raak in paniek, het ziet er allemaal ernstig uit, misschien bloedt hij wel leeg? Misschien liggen al zijn hechtingen eruit, of is zijn borstkas opengespleten? Mijn hart klopt steeds sneller, maar instinctief steek ik mijn handen onder zijn oksels en til hem uit zijn stoel. Ik roep een verpleger en trek mijn vader tegen me aan. Ze hechten zijn wond, ik neem zijn bebloede kleren mee en stop die thuis in de was. Mijn zus belt me later op de avond. “Juud”, zegt ze: “Nu ben jij papa’s held”.


Heb jij al tickets voor Het Lief Dagboek Kerstdiner op 14 december in de Kopstootbar?
Klik hier voor tickets!

Met een 3 gangen diner inclusief wijn, bier, Jajem en veel meer in de Kopstootbar. De bovenste verdieping is helemaal van Het Lief Dagboek en zal als die chique poezen die we zijn op en top worden aangekleed. Door de avond heen zullen er verschillende sprekers, waaronder Jerry Hormone en Mercedes Coco, voordragen voor het uiteindelijk helemaal uit de klauwen gaat lopen en zich omtovert in de after party die tot 03.00 zal duren. Tickets inclusief alles zijn nu verkrijgbaar. We kunnen niet wachten!

No tags 0 Comments 5

No Comments Yet.

What do you think?

Your email address will not be published. Required fields are marked *