Beter een verre vriend dan een goede buur, of was het nu andersom?: “Ze weten niet wat ze missen”

by

Mijn telefoon licht op, appje van Marit. “Hey, donderdag wil ik een drankje doen met vrienden voor mijn verjaardag!” Bij het lezen van deze woorden begint de agenda in mijn hoofd overuren te draaien: dinsdag date (ondertussen mijn vriend), twee essays deze week en ik wilde nog afspreken met Cynthia. Komt er nog eens bij dat ik ook nog ander leerwerk heb en me niet zo heel erg fit voel, dat is dus al reden genoeg voor een crash in mijn mentale agenda. “Hey super leuk! Maar ik moet wel even kijken of het me lukt, desnoods kom ik maar een uurtje oké.”  Zuchtend leg ik mijn mobiel weg en probeer me weer te concentreren op het 3000 woorden tellende ‘mini’ essay dat over drie dagen af moet zijn.

Begrijp me niet verkeerd, het liefst zou ik alles doen, met iedereen afspreken en altijd de hort op zijn, maar waar dit voor veel mensen al een opgave is, is het voor iemand met een chronische aandoening bijna onmogelijk. Het is echt niet dat we zo ongezellig zijn, maar het is een uitputtingsslag, lichamelijk en/of mentaal. Altijd moet je nadenken over wat er verder nog gaat komen. Zeg je ja op het ene, dan moet je misschien iemand anders laten zitten (of zo voelt dat dan). Een treinreis om iemand op te zoeken kan mij voor de rest van de week uitputten, dus het is altijd een heel gepuzzel.

Gelukkig heb ik de afgelopen jaren de beste groep mensen om mij heen verzameld die ik me kan wensen. Want afspreken kan soms een hele kunst zijn, en dan moet je ook nog eens de juiste mensen treffen die begrip voor de situatie hebben. Bechterew is namelijk zo’n sneaky aandoening die de ene dag dragelijk is, en je de volgende compleet gevloerd heeft. Ik probeer het meestal te omschrijven met een pijnschaal. Waar ‘normale’ mensen van 0 tot 10 gaan en meestal op 0 zitten, zitten anderen standaard op 3 of 4 en gaat de teller door tot 13. Die pijn is er dus altijd, alleen zit er verschil tussen dragelijk en duizend doden sterven (bij wijze van spreken dan hè). De opmerking en stil verwijt: “Maar gisteren had je nergens last van!” ontvang ik dan meestal ook met rollende ogen en neem het van mij aan, als je origineel wilt zijn mag een andere opmerking ook wel eens.

Terug naar die vrienden. Voor mij was het best lastig om open te zijn over wat ik had, van nature ben ik iemand die alles het liefst zelf alles oplost. Openstellen betekent kwetsbaar zijn en laat ik daar nu net een gloeiende hekel aan hebben. In werkelijkheid is dit onmogelijk en is het beter om wel te praten.  Uiteindelijk heb ik de moed verzameld en ben ik me anders gaan opstellen, opener. Drie keer raden, ik ben inderdaad vrienden verloren. Of ja, vrienden, heel diep zal het dan wel niet hebben gezeten. Echter vonden de meesten het prima en stonden ze meteen voor me klaar. Er waren soms weken dat ik amper iets kon. Door de pijn kon ik niet slapen, waardoor ik geen energie had om te herstellen, dus resulteerde dit in meer pijn… een vicieuze cirkel. En dan ben ik er ook nog zo één die niet kan eten als ze ziek is. Drama dus. Geluk met een ongeluk bleek ik door open te zijn geweest, een hele groep te hebben die me steunde. De één kwam met soep, sommigen reisden bijna heel Nederland door en een ander stelde voor om me ’s nachts op te zoeken en gezelschap te houden (bedankt Deb). Een zootje ongeregeld dat strekt van rechtenstudenten tot muzikanten, fotografen en (halve) doctoren. Om even op de emotionele tour te gaan: ik zou ze voor geen goud willen missen.

Zonder grappen of grollen, vrienden zijn de mensen die je in zo’n situatie op de been houden. Zo begonnen er een paar hoofd, schouders, knie en teen te zingen toen ik amper bewegen kon. In de eerste instantie zou ik ze met liefde de nek omgedraaid hebben, maar al snel zat ik daar met een lachje. En eerlijk, als ik er nu aan terug denk tovert het nog steeds een grijns op mijn gezicht. Vrienden, ze luisteren als je even hard moet janken, komen eten brengen en samen drankjes doen zijn ze ook altijd voor in. De fysieke pijn maakt het niet minder, mentaal helpt het een boel. Ja, ik vloek als het weer eens tegen zit en tuurlijk heb ik baaldagen – soms meerdere –  maar dat lijkt me menselijk. Veel fijner is het om te weten dat je niet alleen staat. En die paar mensen die je dan laten zitten? Pech voor hen, die weten niet wat ze missen.

Soms zegt een filmpje meer dan duizend woorden. Kort zien hoe Elke zich voelt? Dat wordt hier uitgelegd.

No tags 0 Comments 0

No Comments Yet.

What do you think?

Your email address will not be published. Required fields are marked *